Disclaimer

In het onderdeel Regelgeving vindt u geldende Algemeen Verbindende Voorschriften (verordeningen) en beleidsregels van de gemeente Ferwerderadiel. De complete tekst, waarin alle wijzigingen zijn verwerkt, is gepubliceerd. De informatie in dit onderdeel vormt geen bekendmaking in de zin van de Gemeentewet of de Algemene wet bestuursrecht. Alleen publicatie in Het Sawn Stjerren Nijs heeft een officieel karakter.

  

Verordening, regelende het samengaan van recreatieve en andere activiteiten in samenhang met de bescherming van de natuurlijke waarden in de Waddenzee en Noordzee (met bijbehorende kaart)

Deze verordening is opgesteld omdat het wenselijk is om regelen te stellen met betrekking tot recreatieve en andere activiteiten in de Waddenzee en de daarbij behorende Dollard, Eems en Noordzee met de buitendelta's, zulks met het oogmerk om de belangen van de recreatie en andere activiteiten in relatie met de natuurlijke waarden van dit gebied te beschermen.

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie Gemeente Ferwerderadiel
Officiële naam regeling Verordening, regelende het samengaan van recreatieve en andere activiteiten in samenhang met de bescherming van de natuurlijke waarden in de Waddenzee en Noordzee (met bijbehorende kaart)
Citeertitel Gemeentelijke verordening Waddenzeegebied
Vastgesteld door gemeenteraad
Deze versie is geldig tot (als de vervaldatum is vastgesteld)
Onderwerp Milieu
Opmerkingen m.b.t. de regeling De “Verordening, regelende het samengaan van recreatieve en andere activiteiten in samenhang met de bescherming van de natuurlijke waarden in de Waddenzee en Noordzee (met bijbehorende kaart), vastgesteld bij raadsbesluit van 23 mei 1991, is ingetrokken.

Datum ondertekening inwerkingstredingbesluit 18-10-2001.
Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving) Geen.
Betreft (aard van de wijziging) nieuwe regeling
Datum van inwerkingtreding van (een versie van) de regeling 01-01-2002
Datum terugwerkende kracht (t/m) van (een versie van) de regeling
Datum ondertekening van (een wijziging van) de regeling 18-10-2001
Bron bekendmaking van (een wijziging van) de regeling Geen.
Kenmerk voorstel 7/90.01

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Gemeentewet, artikel 168
  2. Natuurbeschermingswet, artikel 33

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
01-01-2002 nieuwe regeling 18-10-2001
Geen.
7/90.01

 

 

 

Sector                :         III

 

Nr.                :         90.31

 

 

De raad der gemeente Ferwerderadiel; 

overwegende, dat het wenselijk is om regelen te stellen met betrekking tot recreatieve en andere activiteiten in de Waddenzee en de daarbij behorende Dollard, Eems en Noordzee met de buitendelta's, zulks met het oogmerk om de belangen van de recreatie en andere activiteiten in relatie met de natuurlijke waarden van dit gebied te beschermen; 

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 2 oktober 2001, nr. 7/90.01; 

gelet op artikel 168 van de Gemeentewet en artikel 33 van de Natuurbeschermingswet; 

 

 

besluit: 

 

 

  1. in te trekken de “Verordening, regelende het samengaan van recreatieve en andere activiteiten in samenhang met de bescherming van de natuurlijke waarden in de Waddenzee en Noordzee (met bijbehorende kaart), vastgesteld bij raadsbesluit van 23 mei 1991; 

  2. vast te stellen de volgende 

 

VERORDENING, REGELENDE HET SAMENGAAN VAN RECREATIEVE EN ANDERE ACTIVITEITEN IN SAMENHANG MET DE BESCHERMING VAN DE NATUURLIJKE WAARDEN IN DE WADDENZEE EN NOORDZEE (met bijbehorende kaart)

 

 

Artikel 1 

 

Begripsomschrijving 

  1. Waddenzee 

Het gebied, behorende bij de Waddenzee, Dollard en Eems, een en ander zoals is aangegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart en daarop aangeduid als zone A. 

  1. Noordzee 

Het gebied, behorende tot de Noordzee met de daarbij behorende buitendelta's, een en ander zoals is aangegeven op de bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart en aangeduid als zone B. 

  1. Schip 

Elk vaartuig met inbegrip van een vaartuig zonder waterverplaatsing en een watervliegtuig, gebruikt of geschikt om te worden gebruikt als een middel van vervoer te water. 

 

 

 

 

 

  1. Motorschip 

Een schip dat gebruik maakt van zijn mechanische middelen tot voortbeweging, met uitzondering van een schip waarvan de motor slechts wordt gebruikt voor het zich verplaatsen over een kleine afstand of ter verbetering van zijn bestuurbaarheid wanneer het wordt gesleept of geduwd. 

  1. Schipper 

Degene die een schip of een samenstel voert dan wel degene die de leiding heeft over een drijvend voorwerp of een drijvende inrichting. 

  1. Droogvallen van schepen 

Het doen of laten liggen van een schip anders dan op een daartoe bij bestemmingsplan of door burgemeester en wethouders aangewezen ankerplaats, jachthaven of een voor dit doel aangebrachte voorziening of aan een ander schip. 

  1. Ligplaats innemen 

Het afmeren anders dan aan een daartoe bestemde inrichting en het vervolgens doen of laten liggen van een schip. 

  1. Vliegtuig 

Een luchtvaartuig, zwaarder dan lucht en voorzien van een voortstuwingsinrichting. 

  1. Platen 

Onder platen wordt verstaan die gedeelten van Waddenzee, Eems, Dollard en Noordzee, die bij gemiddeld laag water geheel of grotendeels droogvallen. 

 

 

VOORSCHRIFTEN VOOR DE WADDENZEE, EEMS EN DOLLARD, ZONE A 

 

 

Artikel 2 

 

Droogvallen c.q. ligplaats innemen van schepen 

  1. Het is de schipper van een schip verboden daarmee droog te vallen of ligplaats in te nemen. 

  2. Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing voor: 

  1. een daartoe bij bestemmingsplan of door burgemeester en wethouders aangewezen ankerplaats, jachthaven of een voor dit doel aangebrachte voorziening; 

  2. een gebied van 200 meter ter weerszijden van de betonde en beprikte vaargeulen. 

 

 

Artikel 3 

 

Snelvaren met motorschepen 

  1. Het is de schipper van een motorschip verboden om daarmee sneller te varen dan 15 km per uur. 

  2. Het in lid 1 gestelde verbod is niet van toepassing voor de betonde vaargeulen. 

  3. In afwijking van het bepaalde in lid 1, kunnen burgemeester en wethouders voor zones, gelegen in de onmiddellijke nabijheid van jachthavens en / of aanlegplaatsen, het snelvaren van motorschepen onder het stellen van voorwaarden, toestaan. 

  4. Burgemeester en wethouders kunnen bij de aanwijzing als bedoeld in het vorige lid, nadere eisen stellen ten aanzien van dagen en tijden. 

 

 

 

 

 

Artikel 4 

 

Afstand van schepen tot kwetsbare gebieden 

  1. Het is de schipper van een schip, behoudens het bepaalde in artikel 2, lid 2b, verboden zich daarmee te bevinden op een afstand van minder dan 250 meter vanaf de op de         bij deze verordening behorende en als zodanig gewaarmerkte kaart aangegeven:

  1. hoogwatervluchtplaatsen; 

  2. broedgebieden; 

  3. foerageergebieden en 

  4. zeehondenligplaatsen. 

  1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om de in lid 1 vermelde gewaarmerkte kaart jaarlijks aan te passen. 

  2. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing ingeval de schipper zich bevindt in een betonde of beprikte vaargeul die is gelegen binnen een afstand van 250 meter van de aangegeven gebieden. 

 

 

Artikel 5 

 

Vliegbewegingen 

  1. Het vliegen met sportvliegtuigen, reclamevliegtuigen, ultra lichte vliegtuigen, zweefvliegtuigen, helikopters, luchtballonnen en delta's is verboden. 

  2. Het verbod in lid 1 is eveneens van toepassing voor radiografisch bestuurde vliegtuigen en daarmee gelijk te stellen toestellen. 

  3. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing voor vliegtuigen en helikopters die hoger vliegen dan 300 meter vanaf de grond. 

 

 

Artikel 6 

 

Maatregelen ter bescherming van de natuurlijke waarden 

  1. Het is de eigenaar of houder van een hond verboden deze los te laten lopen. 

  2. Het is verboden om vuilnis en afvalstoffen in het gebied weg te werpen, te brengen of achter te laten. 

  3. Het is verboden om, met al dan niet gemotoriseerde voertuigen, over platen te rijden. 

  4. Het is verboden om verf af te steken van in het gebied aanwezige schepen. 

 

 

Artikel 7 

 

Steken van pieren 

Het is verboden om, in door burgemeester en wethouders aangewezen gebieden, met de hand pieren te steken. 

 

 

Artikel 8 

 

Houden van evenementen, rondvaarten en excursies 

  1. Het houden van excursies, rondvaarten, wedstrijden of evenementen, buiten de betonde en beprikte vaargeulen is verboden. 

  2. Het in lid 1 gestelde verbod is niet van toepassing voor georganiseerde wadlooptochten, waarvoor op grond van de provinciale wadloopverordening een vergunning is verleend.  

  3. De burgemeester is bevoegd om ontheffing te verlenen van het in lid 1 gestelde verbod en daaraan voorwaarden te verbinden.

  4. De burgemeester is bevoegd om aan de ontheffingen, vermeld in het vorige lid, nadere eisen te stellen. 

 

 

Artikel 9 

 

Tijdelijk afsluiten van gebieden 

  1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om, in het belang van de bescherming van de natuurlijke waarden van het gebied, over te gaan tot tijdelijke afsluiting van kwetsbare gebieden. 

  2. De burgemeester maakt een besluit tot tijdelijke afsluiting op de in de gemeente gebruikelijke wijze bekend.  

  3. Door het plaatsen van daartoe bestemde borden, boeien of tonnen wordt het afgesloten gebied gemarkeerd. 

  4. Het is verboden om zich in het gebied te bevinden dat krachtens het bepaalde in het eerste lid is afgesloten. 

 

 

VOORSCHRIFTEN VOOR DE NOORDZEE EN DE BUITENDELTA 'S, ZONE B 

 

 

Artikel 10 

 

Voor het gebied, behorende tot de Noordzee en de buitendelta’s, vallende onder de zone B, zijn de artikelen 2, 3, 4, 5, 6 lid 1, 7 en 8 niet van toepassing. 

 

 

ONTHEFFINGEN 

 

 

Artikel 11 

 

  1. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd ontheffing te verlenen van de verboden, genoemd in de artikelen: 2, lid 1; 3, lid 1; 4, lid 1; 5, leden 1 en 2; 6, leden 1 en 3. 

  2. Burgemeester en wethouders kunnen aan een besluit tot verlening van een ontheffing nadere voorwaarden verbinden. 

  3. De ontheffing wordt geacht te zijn verleend voor: 

  1. de instanties die zijn belast met de uitvoering van de voor het Waddenzeegebied vastgestelde beheersplannen; 

  2. de ambtenaren die, ingevolge artikel 15 van deze verordening, zijn belast met het toezicht op en de naleving van de verordening. 

 

 

HOORBEPALING 

 

 

Artikel 12 

 

  1. Alvorens de ontheffing, bedoeld in artikel 11 te verlenen, wordt de directeur landbouw, natuur en openluchtrecreatie in de provincie gehoord. 

  2. De in lid 1 gestelde verplichting geldt eveneens ten aanzien van de gebieden, genoemd in de artikelen 7 en 9 van de verordening. 

 

RELATIE MET DE NATUURBESCHERMINGSWET 

 

 

Artikel 13 

 

Het gestelde in deze verordening is niet van toepassing ten aanzien van die gebieden, die krachtens artikel 17 van de Natuurbeschermingswet zijn afgesloten. 

 

 

STRAFBEPALING 

 

 

Artikel 14 

 

Overtreding van het bepaalde in artikel 2, lid 1, artikel 3, lid 1, artikel 4, lid 1, artikel 5, leden 1 en 2, artikel 6, leden 1, 2, 3 en 4, artikel 7, artikel 8, lid 1 en artikel 9, lid 4 van deze verordening wordt gestraft met een hechtenis van ten hoogste twee maanden of een geldboete van de tweede categorie. 

 

 

ZORG VOOR DE NALEVING VAN DE VERORDENING 

 

 

Artikel 15 

 

  1. Met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn belast, behalve de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde ambtenaren, de door burgemeester en wethouders aan te wijzen ambtenaren. 

  2. Ten aanzien van de zorg voor de naleving van deze verordening is artikel 16 van overeenkomstige toepassing. 

 

 

TOEGANG TOT TERREINEN EN WATEREN IN VERBAND MET TOEPASSING VAN BESTUURSDWANG

 

Artikel 16 

 

Om aan een besluit tot toepassing van bestuursdwang toepassing te kunnen geven, kunnen terreinen en wateren tegen de wil van de rechthebbende worden betreden en kan het orgaan dat bestuursdwang toepast, aan met name aangewezen personen machtiging verlenen tot het binnentreden in een vaar- of voertuig tegen de wil van de rechthebbende. 

 

 

ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN 

 

 

Artikel 17 

 

Vorm en karakter van de ontheffing 

  1. Een op grond van deze verordening gegeven ontheffing is slechts van kracht indien deze schriftelijk is gegeven. 

  2. De in het eerste lid vermelde ontheffing is persoonsgebonden, tenzij in de ontheffing anders is bepaald. 

 

Artikel 18 

 

Voorschriften en beperkingen 

  1. Aan een op grond van deze verordening verleende ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen mogen slechts strekken tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de ontheffing is vereist. 

  2. Degene aan wie krachtens deze verordening een ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen na te komen. 

 

 

Artikel 19 

 

Intrekking of wijziging van de ontheffing 

  1. De ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd: 

  1. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;  

  2. indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten, opgetreden na het verlenen van de ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging wordt gevorderd door het belang of de be­langen ter bescherming waarvan de ontheffing is vereist;  

  3. indien de aan de ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; 

  4. indien van de ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn; 

        indien de houder of zijn rechtverkrijgende dit verzoekt.

  1. a.        Een besluit tot intrekking of wijziging van een ontheffing is met redenen omkleed.

b.        Dit besluit wordt niet genomen dan nadat de houder van de ontheffing in de gelegenheid is gesteld binnen een door het bevoegde orgaan te stellen termijn zijn oordeel kenbaar te maken omtrent het voornemen tot het nemen van dit besluit.

  1. Het gestelde in het tweede lid sub a en b, blijft buiten toepassing in spoedeisende gevallen. 

 

 

Artikel 20 

 

Inzage ontheffing 

De houder van een ontheffing is verplicht deze bij zich te hebben en op eerste vordering van een ambtenaar, belast met de zorg voor de naleving van deze verordening, deze terstond ter inzage aan hem af te geven. 

 

 

INWERKINGTREDING 

 

 

Artikel 21 

 

Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2002. 

 

 

 

 

 

 

 

 

CITEERTITEL 

 

 

Artikel 22 

 

Deze verordening kan worden aangehaald als de "Gemeentelijke verordening Waddenzeegebied". 

 

 

 

 

ALDUS        besloten in de openbare vergadering van                 de raad der gemeente Ferwerderadiel                 van 18 oktober 2001.

 

 

 

 

,voorzitter. 

 

 

 

,secretaris. 

 

Bijlage Verord. Waddenzeegebied

Bijlage Verord. Waddenzeegebied (DOC)
Omschrijving: